Trots op het wegwerken van de schuldenlast.

_

De afgelopen jaren stonden in het teken van orde op zaken stellen. Bergen op Zoom verkeerde financieel in zwaar weer, maar dankzij scherp bestuur en financiële discipline staat de gemeente weer op eigen kracht. De schulden zijn teruggedrongen, de begroting is op orde en er ligt een solide basis voor de toekomst.

Nu is het tijd om vooruit te kijken. Naar een Bergen op Zoom dat durft te investeren in wat de stad sterker, veiliger en aantrekkelijker maakt, en dat zorgvuldig omgaat met belastinggeld terwijl kansen worden benut. Financiële gezondheid is geen doel op zich, maar een middel om te bouwen aan een leefbare en welvarende stad, met open en betrouwbaar bestuur en sterke samenwerking, ook over de grens.

Schuldenlast? Weggewerkt.

Dat deden we niet door onnodig hard te snoeien in gemeentelijk taken. We brachten het voorzieningenniveau terug naar het landelijk gemiddelde. Meevallers gingen direct naar de algemene reserve en werden gebruikt om de schuldenlast af te bouwen. We keken hoe we dingen slimmer konden doen. Tot slot hebben we voortdurend gehamerd op dat het Rijk, als ze taken overhevelt naar de gemeente, ze dan ook moet betalen: “geen taken, geen knaken!”. Dat deden wij met onze steun voor brieven vanuit de raad én op landelijke congressen.

  • Wij zijn fel tegen het verhogen van de belasting op de eigen woning (OZB) en het stijgen van andere lokale heffingen. De hardwerkende Bergenaar betaalt al genoeg. Op lange termijn zien wij graag dat de OZB-lasten en andere lasten verder dalen naar het gemiddelde onder middelgrote gemeenten. Heffingen zijn hoogstens kostendekkend, belastingen gaan we hoogstens indexeren.
  • Het aantal ambtenaren mag niet te ver uitbreiden. We zijn kritisch op inhuur en zetten in op vast personeel. Op die manier kunnen medewerkers zich ook beter ontwikkelen. We zetten ook in op een lager ziekteverzuim.
  • Waar de gemeente zich terugtrekt, moedigen we onze inwoners, instellingen en bedrijven aan om zelf initiatieven te ontplooien. Zij krijgen daar alle ruimte voor en kunnen rekenen op een gemeente die faciliteert en niet belemmert. We maken de beweging van gemeente naar gemeenschap daar waar het kan.
  • We zoeken blijvend naar manieren om geld binnen te halen voor onze plannen en projecten, bijvoorbeeld door subsidiepotjes van het rijk, provincie en zelfs de Europese Unie aan te spreken.
  • De landelijke overheid geeft vaak taken aan de gemeente zonder daar geld tegenover te zetten. We blijven ons landelijk netwerk en onze lobbykracht gebruiken.

Verstandig omgaan met belastinggeld, maar wel met lef en durf.

  • Grote kansen pakken, kan vragen om investeringen. Dat kan bijvoorbeeld gaan om het aankopen van vastgoed, bijdragen aan subsidies vanuit rijk of provincie of het aanpakken van de binnenstad. Onze kansenstad is door verstandig beleid in de positie dat te kunnen doen.
  • We richten een investeringsfonds op waarmee het college snel kan schakelen bij grote kansen. Het Grote Bergse Groeifonds. Daarmee investeren we in grond voor woningbouwprojecten en kunnen we investeren in bedrijventerreinen
  • We verkopen zo snel mogelijk de PZEM-aandelen en gebruiken de opbrengst voor dat fonds.

Excellente dienstverlening.

Inwoners, ondernemers en initiatiefnemers moeten kunnen rekenen op excellente dienstverlening. Dat betekent een dienstverlenende houding van onze ambtenaren. Begrijpelijke taal. Overzichtelijke procedures. Continue terugkoppeling over de voortgang. En natuurlijk “ja, mits” in plaats van “nee, tenzij’’. Als iets niet kan, wordt duidelijk uitgelegd waarom. We vinden het normaal dat de gemeente de telefoon opneemt wanneer je belt met een vraag en er alles aan doet om je goed te helpen.

  • De gemeente is nu beter bereikbaar dan voorheen, maar dossiers blijven te vaak hangen. We investeren in een systeem waardoor ambtenaren altijd kunnen zien waar men in een dossier, aanvraag of initiatief gebleven is.
  • We verwachten een respons binnen twee werkdagen. Als een vraag of dossier meer tijd nodig heeft, blijft de gemeente proactief tussendoor informeren.
  • De digitale dienstverlening van de gemeente is van goede kwaliteit. Inwoners kunnen hun zaken zoveel mogelijk vanuit huis regelen en wanneer het hen zelf uitkomt. We verlengen daarnaast de openingstijden van het fysieke loket.
  • Het stadskantoor is fysiek bereikbaar en kent openingstijden buiten kantoortijden voor zaken die je niet digitaal kunt regelen. Bij vragen is het altijd mogelijk om een medewerker te spreken in plaats van een computer of AI.
  • Technologische ontwikkelingen zoals AI bieden mogelijkheden om de bedrijfsvoering van de gemeente te optimaliseren. We stellen een AI-strategie op om binnen deze ontwikkeling alle kansen te pakken die er zijn.
  • We starten een nieuw huisvestingsplan, omdat het stadskantoor op termijn aan vervanging toe is. Onze ambtenaren verdienen goede huisvesting. En onze inwoners een gemeente die dichtbij en bereikbaar is. We kijken hoe we ambtenaren meer op locatie, in de wijk, kunnen laten werken.
  • We schrappen de komende bestuursperiode minimaal 10 regels om de bedrijfsvoering te optimaliseren.

Bergenaar betrekken; stille meerderheid voor ogen houden.

  • Participatie betekent niet dat de grootste schreeuwers altijd gelijk krijgen, of dat omwonenden of betrokkenen beslissen. Veel hardwerkende Bergenaren hebben het te druk om zich intensief bezig te houden met dossiers. De gemeente heeft meer oog voor de ‘stille meerderheid’ en deze groep is vertegenwoordigd door de raad als hoogste orgaan.
  • We willen geen burgerberaden of referenda in Bergen op Zoom. Iedereen met een plan of initiatief wordt aangemoedigd dit te delen met de gemeente.
  • Een kansenstad is een tolerante stad. Geluid van auto’s, treinen, uitgaanspubliek en spelende kinderen hoort bij bepaalde delen van onze stad. Deze vormen geen geldig bezwaar.

Luiken open, lobby aan.

Bergen op Zoom kent kansen en uitdagingen. Om kansen te benutten en uitdagingen aan te kunnen, heb je vaak anderen nodig. Dat vraagt om open luiken en om doordachte lobby. De Stedelijke Regio West-Brabant (SRWB) vormt onze bestuurlijke basis. Vanuit partnerschap met Roosendaal versterken we, op inhoudelijke gronden, de samenwerking met Zeeland, Vlaanderen, de Randstad én andere regio’s.

  • Er komt een lobbyagenda met gekoppelde termijnen en specifieke wensen vanuit de gemeenteraad. Die agenda maken we met de stedelijke regio, gebaseerd op de Regionale Investeringsagenda (RIA).
  • Als transportstad en internationale hub eisen we onze plek op aan tafel bij Rijkswaterstaat. Er moet beter naar ons geluisterd worden. We nodigen Rijkswaterstaat één keer per jaar uit in de gemeenteraad om Bergse wensen en bedenkingen te bespreken.
  • We vragen om een bijdrage van omliggende gemeenten voor onderhoud van voorzieningen en clubs met een regiofunctie op gebied van cultuur en sport. Dit betreft dan voorzieningen die in die gemeenten niet aanwezig zijn, maar hier wel.
  • Samenwerken met Roosendaal biedt niet alleen kansen, het is onvermijdelijk en hard nodig. We trekken op zoveel mogelijk fronten op met de Stedelijke Regio West-BrabantWest. Daar liggen de meeste kansen. We vertegenwoordigen samen meer dan 150.000 inwoners.
  • De governance van de Stedelijke Regio moet zoveel mogelijk bestaande gemeenschappelijke regelingen vervangen.
  • Bergen op Zoom heeft een leiderschapsrol in de stedelijke regio. We verwachten een plek aan tafel bij de B7, de grootste Brabantse steden. Dat wordt de B8. Dat verdienen wij ook.
  • De Brabantse Wal kenmerkt zich als het gebied ‘daar waar Brabant Zeeland kust’. We zoeken daarom actief de samenwerking op met Zeeland, met name op gebied van infrastructuur, openbaar vervoer en kansen rondom biobased economy.
  • We blijven pleiten voor de Sloebocht bij Woensdrecht zodat goederentreinen vanuit Vlissingen rechtstreeks naar Antwerpen kunnen afslaan en niet meer met gevaarlijke stoffen door de gemeente hoeven te rijden.
  • We lobbyen voor een aansluiting op Vlaamse voorzieningen. We zoeken naar kansen voor hoger onderwijs, mogelijk zelfs een dependance en kijken of een verregaande samenwerking met de Antwerpse ziekenhuiszorg mogelijk is. We dringen er in Den Haag en Brussel op aan dat studeren in België en vice versa zo normaal mogelijk wordt.

Een grenzeloze kansenstad.

Bergen op Zoom wordt ook wel eens de ‘meest Vlaamse stad van Nederland’ genoemd. In onze ogen doen we daar nog veel te weinig mee. Daarom blijven we pleiten voor betere samenwerking met onze zuiderburen:

  • Er komt een aparte portefeuille ‘internationale zaken’. Er komt ambtelijke capaciteit vrij: ambassadeurs naar het Antwerps stads- en provinciebestuur. We gaan zélf direct banden aanknopen en contact onderhouden met Antwerpen en de Vlaamse grensgemeenten.
  • Het wordt makkelijker om over en weer over de grens te werken. We zoeken aansluiting via het Bergs havenbedrijfsleven en investeren in de doorontwikkeling vna het grensinformatiepunt (GIP).
  • We blijven actief zoeken naar kansen op cultuurhistorisch en toeristisch gebied. We kijken of er aan te sluiten valt op Antwerps toeristisch beleid en profileren ons als dezelfde regio naar de rest van Europa. Dat doen we vooral via Geopark Scheldedelta.
  • We zetten ons keihard in voor betere grensverbindingen, per auto, bus, fiets, waterbus en trein (zie ook hoofdstuk 7). Deze mogelijkheden brengen wij in bij de regionale investeringsagenda. Uitgaan en recreëren in Antwerpen moet zo ook gemakkelijker worden, om ons op die manier voor jonge Bergenaren aantrekkelijker te maken.
  • We herzien onze stedenbanden op verborgen kosten. Vriendschappelijke betrekkingen (jumelages) zijn iets dat uit de samenleving moet komen, niet vanuit het stadsbestuur. Een uitzondering maken we voor de stedenband met Oudenaarde. Die gebruiken we als springplank voor onze banden met Vlaanderen.